Vanuit mijn eigen vragen over de Covid-19-vaccins, de vermeende risico's en de tegenstrijdige berichtgeving hierover, ben ik als leek op zoek gegaan naar antwoorden.
Deze blog is niet bedoeld als standpunt vóór of tégen vaccineren. Ik heb geprobeerd de informatie in dit stuk zo neutraal mogelijk te beschrijven. De focus in dit deel ligt daarbij op vaccins in het algemeen en die tegen Covid-19 in het bijzonder.
Ik heb daarvoor diverse bronnen geraadpleegd, o.a. van de WHO, het EMA, het RIVM en van de officiële websites van verschillende vaccinproducenten, maar ook van kritische onderzoeken van artsen, professoren en studiegroepen bij diverse universiteiten, waarvan publicaties zijn verschenen. Pas in mijn conclusie op basis van alle informatie neem ik voor mezelf een standpunt in t.a.v. vaccineren.

Het is een uitgebreid artikel geworden, waarvan het eerste deel gaat over virussen en vaccins in het algemeen, gevolgd door een korte samenvatting van verschillende types vaccins, hoe ze werken en welke voor- en nadelen er aan kleven. De momenteel gebruikte en de belangrijkste in ontwikkeling zijnde Covid-19-vaccins zijn blauwgekleurd in de tekst weergegeven.
In deel 2 ga ik specifiek in op de nieuwe technologie van de werking van het mRNA-vaccin en de daaraan verbonden risico's: Over vaccineren - deel 2.


Over virussen en vaccins in het algemeen

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie zijn er momenteel zo’n 200 vaccins in ontwikkeling.
Het doel van een vaccin is altijd hetzelfde: het immuunsysteem activeren, zodat het lichaam voldoende bescherming opbouwt en effectief kan reageren als een virus het lichaam binnendringt. Een vaccin maakt gebruik van natuurlijke processen die al in het lichaam aanwezig zijn.
In feite fungeert het als een stimulans om die processen op een gecontroleerde manier in gang te zetten en/of te versterken.
Belangrijk om je te realiseren is, dat een vaccin geen besmettingen voorkomt, maar dat het voor iemand de gevaccineerd is de kans op ernstige symptomen en sterfte enorm verkleint.

Alle cellen in de natuur (je eigen cellen, bacteriën, virussen, schimmels) zijn aan de buitenkant herkenbaar aan allerlei eiwitten die op hun celoppervlak uitsteken. Elke cel heeft daarbij een ander patroon van uitsteeksels en is op die manier dus ook specifiek herkenbaar. Je kunt dat vergelijken met hoe wij elkaar als mens ook herkennen aan 'de buitenkant', aan de vorm van de neus, de mond, ogen, haren. etc.
Doordat een virus aan de buitenkant door zijn eigen unieke patroon van uitsteeksels (eiwitten) op zijn celoppervlak herkenbaar is, zal je lichaam als het zo'n virus tegenkomt, hem direct identificeren en zeggen: "Dit is bacterie X of virus Y, dat hoort hier niet!" en dan maakt het immuunsysteem antistoffen aan die zich op die uitsteeksels kunnen hechten en het virus daarmee uitschakelen. Vergelijk het maar met hoe de douane met behulp van gezichtsherkenning een crimineel herkent en uitschakelt.

coronavirusEen virus bestaat uitsluitend uit genetisch materiaal in een jasje van eiwitten. Zonder levende cellen kan een virus zich niet vermenigvuldigen. Een vaccin maken is maatwerk: het moet specifiek ontwikkeld worden tegen een bepaald virus, waartegen dan bescherming wordt opgebouwd. Daarom konden virologen pas beginnen met hun werk toen de genetische code van het coronavirus ontrafeld was.

In een vaccin zit telkens minstens één antigeen: een minuscule hoeveelheid van een stof die in staat is een reactie van het immuunsysteem op te wekken. Dat antigeen kan bestaan uit volledige (inactieve) virusdeeltjes of uit stukjes daarvan. Sommige vaccins die nu tegen het coronavirus gebruikt worden of nog in ontwikkeling zijn, maken alleen gebruik van de uit eiwit bestaande uitsteekseltjes waaraan het coronavirus zijn naam te danken heeft. Deze uitsteeksels van coronavirussen hechten zich aan de wand van gezonde cellen, waardoor de genetische code van het virus de cel kan binnendringen. De cel ontcijfert de code, die de instructie bevat om deze te vermenigvuldigen en begint die uit te voeren. Het immuunsysteem reageert daarop, omdat het lichaamsvreemd is en begint antistoffen aan te maken. Zodra er voldoende antistoffen rondom die uitsteeksels van het coronavirus zijn gaan zitten, kan het virus zich niet meer aan cellen hechten en zich dus ook niet vermenigvuldigen. Vervolgens kunnen de T-cellen van het immuunsysteem het virus opruimen.

Bij de ontwikkeling van en keuze voor een bepaald soort vaccin spelen veel elementen mee. Allereerst moet de inhoud van het vaccin zorgvuldig afgestemd worden, zodat een afweerreactie van het immuunsysteem van het lichaam op gang wordt gebracht. De juiste dosering moet ervoor zorgen dat deze afweerreactie groot genoeg is, zodat er bij besmetting voldoende antistoffen klaar zitten in onze slijmvliezen. Zo kunnen ze het virus onmiddellijk blokkeren en word je dus niet besmet. Dat wordt steriele immuniteit genoemd en dat is de gouden standaard voor alle vaccins. Er bestaan verschillende soorten vaccins die op verschillende manieren werken en in 3 generaties worden ingedeeld. Voor een uitgebreid overzicht van de verschillende types vaccins kun je hier klikken.

Je hoort en leest de laatste tijd zowel van voor- als tegenstanders veel informatie over de nieuwe vaccins. De Europese Commissie bouwt actief aan vertrouwen met slogans als 'In vaccins we trust'. Daartegenover zie je mensen die wereldwijd allerlei verbanden zien en zich heel sterk afzetten.
Met een nieuw vaccin dat in grote snelheid is ontwikkeld, blijft het heel belangrijk je goed te laten informeren. Het is een taak van de overheid om de publieke gezondheid te beschermen. Maar dat kan op gespannen voet staan met economische belangen en de persoonlijke afweging van mensen.
Ik wil proberen enig inzicht te geven in welke factoren meespelen, zodat mensen een weloverwogen beslissing kunnen nemen over het al dan niet laten vaccineren en met welk vaccin.


Verschillende soorten vaccins

Er bestaan dus verschillende types vaccins, die gebruikt worden om infecties met virussen te voorkomen.
Lange tijd werd bij een vaccinatie een verzwakt of gedood virus ingespoten, waardoor je lichaam een vergelijkbare, maar zwakkere prikkel krijgt als onder natuurlijke omstandigheden bij een echte infectie. Omdat het virus dood of zo verzwakt is dat je er niet of nauwelijks ziek van wordt, kan je lichaam mooi oefenen om antistoffen aan te maken die een eventuele echte ziekte in de toekomst de kop in kunnen drukken. Zo zijn in de loop van de tijd vaccins tegen mazelen, bof, gele koorts, rodehond, mazelen en hepatitis ontwikkeld.

De meeste coronavaccins werken heel anders! Bij het maken van een coronavaccin wordt gebruik gemaakt van nieuwe op gentechnologie gebaseerde methodes, die pas de laatste decennia volop in ontwikkeling zijn gekomen. Voor een deel zijn dit nog experimentele methodes, waar we nog nauwelijks ervaring mee hebben en waarvan we dus niet weten wat het op termijn met ons lichaam doet.

Een van de gebruikte methodes voor dit vaccin is de vectormethode. De basis van deze vaccins is een al bekend virus dat geen ziekte bij de mens veroorzaakt. Dit wordt een vector genoemd. Dit kan een onschuldig virus zijn of een al bestaand virus dat in een ander vaccin wordt gebruikt. In dit virus wordt een antigeen of de genetische code van een antigeen geplakt. Een antigeen is een molecuul dat in staat is een reactie van het afweersysteem op te wekken, waarbij antistoffen worden aangemaakt.
In wezen wordt een deel van de complexe vaccinproductie - de extractie van antigenen - verplaatst van het laboratorium naar het menselijk lichaam.
Het vaccin van AstraZeneca is het eerste vectorvaccin tegen Covid-19 dat werd goedgekeurd voor gebruik in Europa. De vector is een adenovirus dat voorkomt bij chimpansees, maar bij de mens geen ziekte kan veroorzaken.
In maart 2021 werd het vectorvaccin van Johnson & Johnson goedgekeurd. Hierin is de basis een aangepast verkoudheidsvirus, dat ervoor zorgt dat er in het lichaam antistoffen tegen Covid-19 worden gemaakt.
Ook het Russische CanSino is een op vectortechnologie gebaseerde vaccin.
Een groot voordeel is, dat er gebruik kan worden gemaakt van bekende virussen of vaccins die hun werkzaamheid al bewezen hebben. De onderzoeksfase kan dus sneller gaan, omdat het om bekende technologieën gaat.
Maar omdat het om een genetisch gemodificeerd vaccin gaat, zijn er in de regel veel meer tests nodig voor de stap naar een klinische studie gezet kan worden.
Bij sommige vectorvaccins kan de vector zich nog vermenigvuldigen, waardoor deze niet gebruikt kunnen worden bij mensen van wie het immuunsysteem zwak of onderdrukt is.

Een andere methode is het gebruik maken van een volledig geïnactiveerd virus. Dit vaccin wordt dus gemaakt met een dode versie van het virus dat bestreden wordt. Het virus wordt gedood door het te verhitten of door het in contact te brengen met een stof die schadelijk is voor het virus, bijvoorbeeld formaldehyde. Vroeger werden veel vaccins met deze techniek gemaakt, zoals bijvoorbeeld het vaccin tegen polio. In China worden van dit type het Sinopharm-vaccin van een van de staatsbedrijven en het Sinovac-vaccin van een particulier bedrijf gebruikt. In India wordt Covaxin van dit type vaccin gebruikt.
Een belangrijk voordeel is, dat het virus dood is en dus geen ziekte meer kan veroorzaken, terwijl wel alle antigenen nog aanwezig zijn. Daardoor biedt het een brede bescherming.
Omdat het inactieve virus zich niet kan vermenigvuldigen in het lichaam, zijn er meestal meerdere doses van het vaccin nodig.


Nieuwe techniekencorona dna

Het is ook mogelijk om in plaats van een volledig virus ook een klein stukje van het virus als antigeen te gebruiken, het zgn. proteïne-vaccin. Hiervoor wordt een eiwit van het kapsel van het virus gebruikt. Bij coronavirussen is dat het eiwit van de uitsteeksels op het virus (het zogenaamde spike-eiwit). Het hepatitis-B-vaccin is het eerste vaccin dat zo ontwikkeld werd. Pas sinds deze eeuw bestaan er betere technieken om gericht te zoeken welke antigenen van een virus geschikt zijn. In Rusland is het EpiVacCorona-vaccin van dit type op de markt.
Een voordeel is dat het gemakkelijker en dus sneller is om een enkel eiwit te produceren, dan om een volledig virus te kweken. Maar omdat er maar één antigeen wordt gebruikt, zijn er ofwel meerdere doses nodig en vaak ook een hulpstof om een goede immuunreactie op te wekken.

Een variant van het hierboven beschreven proteïnevaccin is het VLP (viral-like particle)-vaccin. Hierin zijn de antigenen combinaties van eiwitten die zo worden samengesteld, dat ze een authentiek virus nabootsen. Ze lijken dus op het virus, maar bevatten geen genetisch materiaal.
Deze vaccins geven een krachtiger signaal aan het immuunsysteem dan wanneer de antigenen los in een oplossing zitten. Maar de productie is minder eenvoudig: de eiwitten moeten nauwkeurig samengesteld worden om een goede immuunrespons op te wekken.

Naarmate we ouder worden, werkt ons immuunsysteem minder goed. Een geïnactiveerd of proteïnevaccin heeft dan enkel kans op slagen bij een heel hoge dosis. De beschikbare hoeveelheid antigenen is echter beperkt. Daarom worden adjuvanten gebruikt. Een adjuvant is een hulpstof die het effect van het vaccin versterkt zonder dat de dosis van het antigeen vergroot hoeft te worden. De meest gebruikte is aluminiumhydroxide. Dit wordt al meer dan vijftig jaar gebruikt. Intussen zijn er ook nieuwe hulpstoffen op de markt die een deel van het immuunsysteem een extra boost kunnen geven. Sommige daarvan zijn op z'n zachtst gezegd niet fijn voor het lichaam: ze zijn kankerverwekkend of giftig, kunnen schade veroorzaken aan leven of nieren, of hebben invloed op het zenuwstelsel, de hormoonhuishouding of de celregeneratie. Achtergrondinformatie hierover valt niet in het bestek van dit blog en laat ik buiten beschouwing.

CoronavaccinEen van de nieuwere technieken is die van de recombinante vaccins. Bij deze vaccins wordt gebruik gemaakt van DNA-recombinatietechnologie. Dit houdt in dat bepaalde genen van een virus of bacterie ingebouwd worden in een gastcel. Het gaat dan om die genen die de code dragen voor eiwitten die het afweersysteem stimuleren tot het aanmaken van antilichamen. De gastcellen gaan vervolgens deze eiwitten produceren. Deze opgezuiverde eiwitten vormen de basis van het recombinante vaccin.
Dit type vaccin wordt onder meer gebruikt voor vaccins tegen kinkhoest, pneumokokken of gordelroos.
Van dit type is in Nederland het coronavaccin van Sanofi/GSK in ontwikkeling; in de USA van Novavax.
Deze vaccins geven een krachtiger signaal aan het immuunsysteem dan wanneer de antigenen los in een oplossing zitten. Ze kunnen ook gebruikt worden bij mensen met een zwak of onderdrukt immuunsysteem. Nadeel is dat in de meeste gevallen herhalingsinentingen nodig zijn om langdurig beschermd te blijven.


Vaccins op basis van DNA of RNA

DNA- en RNA-vaccins bevatten niet het antigeen zelf, maar wel de genetische code ervan. Deze code moet tot in een cel of celkern kunnen komen, omdat de cel de genetische code moet ontcijferen om antistoffen te kunnen aanmaken.

DNA-vaccins bevatten een DNA-code voor een specifiek eiwit dat zou kunnen werken tegen ziekteverwekkers. In het ideale geval coderen ze ofwel voor antigenen die de ziekteverwekker nabootsen om het immuunsysteem van het lichaam te activeren, of ze coderen direct voor antilichamen tegen een specifieke ziekteverwekker.
DNA-vaccins moeten tot in de celkern geraken. Dit kan door bij toediening ook een klein elektrisch schokje te geven. Er is dus extra materiaal voor nodig. Voor ontwikkelingslanden is dat onbetaalbaar. Dit type van vaccin zou niet alleen preventief gebruikt kunnen worden, maar ook als therapeutisch vaccin om zieke patiënten te behandelen.
Momenteel is alleen het door Rusland ontwikkelde Sputnik V als DNA-vaccin op de markt. Dit is overigens nergens anders dan in het land zelf goedgekeurd.
In Zweden is het samenwerkingsverband OpenCorona van Cobra Biologics en Karolinska Institutet, een van 's werelds toonaangevende medische universiteiten, bezig met het ontwikkelen van een DNA-vaccin en in de USA wordt gewerkt aan het DNA-vaccin Inovio.
Omdat ze gebruik maken van natuurlijke celprocessen, zijn ze gemakkelijk te produceren en wordt een hoge effectiviteit verwacht. Daarentegen zijn DNA-vaccins zijn onmogelijk wereldwijd uit te rollen, want het apparaat om de elektrische pulsen te geven is te duur. Verder is vooralsnog onduidelijk welke gevolgen een dergelijke vaccinatie heeft op de korte en lange termijn voor het menselijk DNA.

Bij RNA-vaccins zit de genetische code als een soort 'barcode' met instructies in een vet- of lipidenoplossing. De lipiden versmelten met het celoppervlak, en zo kan de RNA-code tot binnenin de cel geraken. Het is precisiewerk om de juiste samenstelling te bepalen. Dit is een heel nieuwe techniek die nog maar enkele jaren bestaat. De eerste coronavaccins die in Europa zijn goedgekeurd, van Pfizer-BioNTech en Moderna, maken gebruik van deze techniek. Ook het in ontwikkeling zijnde Curevac is een mRNA-vaccin. In Nederland is Sanofi naast een op proteïne gebaseerd vaccin ook bezing met het ontwikkelen van een RNA-vaccin.
De studieresultaten van deze vaccins tonen aan dat ze in elk geval op de korte termijn zeer effectief zijn in het opwekken van bescherming tegen het Covid-19-virus. Maar over de lange termijneffecten is nog helemaal niets bekend. Los daarvan moeten RNA-vaccins op zeer lage temperaturen bewaard worden, wat het moeilijker maakt om ze te transporteren.


Samenvatting van de genoemde Covid-19-vaccins

 Naam

 Type

 Land

 

 AstraZeneca

 Vector

 VK / Zweden

m

 Pfizer / BionTech

 mRNA

 USA / Duitsland

m

 Moderna

 mRNA

 USA

m

 Johnson & Johnson 

 Vector

 Nederland / België / USA 

m

 CanSino

 Vector

 Rusland

m

 Sputnik V

 Vector / DNA

 Rusland

m

 SinoPharm

 Geïnactiveerd virus 

 China

m

 Sinovac

 Geïnactiveerd virus 

 China

m

 Covaxin

 Geïnactiveerd virus 

 India

m

 Sanofi / GSK

 Recombinant

 Nederland

io

 Novavax

 VLP / Recombinant 

 USA

io

 Inovio

 DNA

 USA

io

  *  m = op de markt     io = in ontwikkeling


In het 2e deel van dit artikel ga ik specifiek in op het op mRNAvaccin in relatie tot de werking van het immuunsysteem: Over vaccineren - deel 2.


Referenties

Overzicht van de Covid-19-vaccins van de WHO:
https://www.who.int/publications/m/item/draft-landscape-of-covid-19-candidate-vaccines
https://extranet.who.int/pqweb/sites/default/files/documents/Status_COVID_VAX_20Jan2021_v2.pdf

Officiële informatiewebsite van het Europees Agentschap voor Medicijnen (EMA):
https://www.ema.europa.eu/en/human-regulatory/overview/public-health-threats/coronavirus-disease-covid-19

Officiële website van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Microbiologie (KNVM)
https://www.knvm.org/vaccinologie/covid-19

Richtlijnen van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
https://lci.rivm.nl/richtlijnen/covid-19-vaccinatie

 
Op dit artikel kan alleen nog per mail worden gereageerd.

Inhoud © 1992 - 2021 Hans Planje
Hans Planje     E:      T: 053-4772532